
Burgerlijk Wetboek Boek 7A
Artikel 1662
[1.] De inbreng van de vennoot kan bestaan in geld, goederen, genot van goederen en arbeid.
[2.] Op de inbreng van een goed zijn de bepalingen omtrent koop, op de inbreng van genot van een goed de artikelen 1584-1623 van overeenkomstige toepassing, voor zover de aard van de rechtsverhouding zich daartegen niet verzet.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.